Cliënt werd het verwijt gemaakt dat het slachtoffer als gevolg van een duw zou zijn overleden. Roderick ten Kortenaar heeft de rechtbank bij pleidooi aangetoond dat er meerdere doodsoorzaken waren, waaronder de persoonlijke situatie van het slachtoffer, het weigeren van een operatie door het slachtoffer en de keuzes die de behandelend artsen hebben gemaakt.
Cliënt werd daarom vrijgesproken van de mishandeling met de dood tot gevolg. De rechtbank legde een werkstraf van 240 uur op, in plaats van de geëiste gevangenisstraf van 15 maanden.